Post Oosterheem (2002)

• materieel • incidenten • artikelen • statistieken • korpszaken • wat is nieuw? • reageren • colofon • links •

 

periodes:De vroege jaren
Oude Kerk 1703
Dorpsstraat 1788
Leidsewallen 1921
Stationstraat 1959
Vlamingstraat 1969
Stadshart 1980
Rokkeveen 1991
Oosterheem 2002

Samenvatting

 

 

 

 

Op 2 september 2002 wordt tweede 24 uurs gekazaneerde kazerne aan de Olof Palmelaan 1 in gebruik genomen.

De opening van deze post betekent ook het sluiten van post Rokkeveen, daar Oosterheem ook voor de dekking voor Rokkeveen kan zorgen. Het gebouw in Rokkeveen wordt na enige tijd verkocht aan Alflex bv.

Tekstvak: Foto post Oosterheem rond 2005 (foto: Ricardo Bonsang)

De remise van de nieuwe kazerne heeft ruimte voor ongeveer negen voertuigen. In de kazerne zijn acht slaapkamers, een ruime kantine voor de wacht, een keuken, twee woonkamers (één voor rokers ! ), een fitnessruimte, een slangenwerkplaats, een ademluchtwerkplaats, een algemene werkplaats,  opleidingsopslag, twee leslokalen en een kantine voor opleidingen. Op het buitenterrein is ook een sportveld aangelegd.

foto's post Oosterheem

In de kazerne Oosterheem zijn ook de afdeling opleidingen en het bedrijfsbureau oefening en repressie gevestigd. Bij de bouw van de post was rekening gehouden met capaciteit voor BHV-opleidingen. Deze taak is echter nog voor de oplevering bij de brandweer afgestoten.

De post is zo ingericht dat het gebouw ingeval van calamiteiten ingezet kan worden als een crisiscentrum. De leslokalen kunnen worden omgebouwd tot een beleidscentrum en ook de kantine biedt in die situatie ruimte voor een crisiscentrum.

Daarnaast is in het ontwerp van de bouw  rekening gehouden met de mogelijkheid dat bij verhuizing van de post Stadshart de post Oosterheem kan worden uitgebreid tot “hoofdpost” van Zoetermeer. In verband hiermee heeft de gemeente voor een aantal jaren een optie verkregen op het naastgelegen grondperceel

Naast de repressieve organisatie zijn de afdelingen opleiding, oefening en de facilitaire dienst aanwezig op de post. Alhoewel met bouw van de post rekeningen was gehouden, stop de brandweer met het geven van BHV opleidingen aan externen en zodoende meer voorzieningen aanwezig zijn dan in eerste instantie bedacht.

Met de komst van de post Oosterheem verdwijnt de ademluchtwerkplaats en de slangenwerkplaats van Stadshart. De vrijgekomen ruimte van de slangenwerkplaats wordt gebruikt voor extra kantoorruimte voor preventie.

 Organisatie met start Oosterheem

Met behulp van een  computer is het  verzorgingsgebied van Zoetermeer verdeeld in een gedeelte Stadshart en een gedeelte Oosterheem.

Het korps blijft werken met een vier ploegensysteem, A,B,C en D met een 12-24-48-uurs rooster. De 4 ploegen A,B,C en D van Stadshart en Oosterheem die gelijktijdige dienst hebben vormen organisatorisch een geheel onderleiding van een ploegchef. De kazerne waar de ploegchef niet draait heeft een bevelvoerder, (in twee ploegen is dit het geval) of een bevelvoerdersfunctie die wordt uitgevoerd door dagdienstbevelvoerders (in de twee andere ploegen het geval. In de loop der tijd worden  wordt er nog enkele kleine wijzigingen in deze structuur aangebracht.

Per post zijn er twee los van elkaar staande vrijwilligersgroepen die afwisselend in  de A-C ploegen of de B-D ploegen meedraaien. De vrijwilligers zijn organisatorisch verder los gekoppeld van de beroepsploegen en hebben een eigen verantwoordelijkheidsstructuur.

Overdag zorgen de 24- en 12-uursploeg en de dagdienst voor de eerste uitruk, terwijl ’s avonds, ‘s nachts en in het weekend de 24-uursploeg wordt aangevuld met vrijwilligers. De ploegen op beide kazernes leveren elk tweemaal zes man, waarmee twee autospuiten worden bemenst.

In Oosterheem staat naast een autospuit ook de waterongevallenwagen. De duikers zijn verdeeld over de beide posten. De waterongevallenwagen wordt door middel van ‘springbezetting” bemand . Indien er te weinig duikers in dienst zijn, de bezetting van de wagen aangevuld met geconsigneerde beroepsmensen.

In Oosterheem staan tevens de HV-haakarmbakken speciaal en basis en de slangenhaakarmbak.

In het Stadshart wordt op werkdagen en in het weekend de “springbezetting” van de hoogwerker, het hulpverleningsvoertuig en haakarmbakvoertuig met dompelpomp bezet door de aanwezige ploegendienst en de dagdienst.

Buiten werktijden en in het weekend is de bemanning geconsigneerd. Na enige tijd wordt in het weekend extra personeel gekazerneerd voor de bemanning van de “springbezetting”

Bij gaspakken- of  wvd-alarm worden de betreffende voertuigen door middel van “springbezetting “ bemand en aangevuld door vrije instroom van beroepskrachten.

Beroepskrachten en vrijwilligers oefenen afzonderlijk van elkaar. Eerst wordt in Oosterheem op dinsdag geoefend en in het Stadshart op donderdag. Later wordt ook in het Stadshart alleen op de dinsdagavond geoefend.

Als de beide autospuiten zijn ingezet, wordt via vrije instroom een herbezetting gerealiseerd voor het derde voertuig  Het derde voertuig wisselt per twee weken van standplaats. De vrijwilligers van waar de derde autospuit staat worden gealarmeerd bij aanvulling kazerne.

Landelijk beeldmerk brandweer (2002)

In september 2002 wordt het nieuwe landelijke beeldmerk van de brandweer geïntroduceerd en ook aangebracht op de voertuigstriping. Enige tijd later wordt ook één landelijke huisstijl ingevoerd.

Regionaal duiksteunpunt

Met de komst van de post Oosterheem wordt de functie van duiker verder ontwikkeld. De organisatorische invulling van de samenwerking binnen de regio Haaglanden krijgt begin jaren ‘00 meer vorm. Materieel en specialismen worden regionaal verdeeld. De uitrukprocedures van de verschillende gemeenten worden op elkaar afgestemd, zo wordt bijv.  bij waterongevallen vanuit twee duikposten binnen de regio uitgerukt.

Regionale Gevaarlijke Stoffen-Eenheid (2003)

In het 2003 krijgt de OGS taak meer vorm met de komst van de gevaarlijke stoffen-eenheid, GSE. Deze eenheid maakt gebruik van een OGS-voertuig en een haakarmbakvoertuig met OGS haakarmbak ten behoeve van de gaspakdragers. De eenheid wordt gestationeerd in Oosterheem en wordt door springbezetting bemand vanuit beide posten, eventueel aangevuld door vrije instroom van beroeps. Binnen de regio zijn nog twee andere GS-eenheden gestationeerd in Delft en in Den Haag Escamp.

Alle autospuiten in de regio zijn inmiddels voorzien van chemiepakken en al het personeel in regio is opgeleid als chemiepakdrager voor basis brandweerzorg, waarmee eenvoudige redding en verkenning kan worden uitgevoerd.

In het geval van een ongeval met gevaarlijke stof wordt een GSE meegealameerd. De GSE kan naast redding en verkenning met gaspakken ook bronbestrijden, ontsmetten en verdere werkzaamheden uitvoeren.

 

In 2003 krijgt Zoetermeer twee identieke regionaal aanbestede autopuiten, de  840 en 841. De 840 uit 1991 en de 841 uit 1983 worden verkocht.

 

Onrust bij de brandweer (2004)

Eind 2004 maakt de commandant een reorganisatieplan voor de brandweer bekend. Als redenen om voor dit plan worden genoemd inefficiëntie, gebreken in het management van de huidige organisatie en steeds zwaardere eisen waaraan de brandweer moet voldoen. Het plan voorziet niet alleen in een wijziging van het ploegensysteem, maar het gaat ook uit van een inkrimping van het aantal vrijwilligers, waartoe zonodig ook gedwongen ontslagen bij de vrijwilligers zullen vallen. Dit plan veroorzaakt zeer grote onrust binnen het korps, uiteraard vooral bij de vrijwilligers. Een en ander brengt ook de nodige publiciteit met zich. De oppositie tegen het plan boekt succes: de gemeenteraad stemt niet in met het plan. Aan de commandant wordt verzocht om samen met de organisatie het plan aan te passen. Uiteindelijk wordt men het daar over eens, zodat in 2006 een nieuwe organisatiestructuur zal kunnen worden ingevoerd. Een onderdeel is op basis van natuurlijk verloop en stoppen met werven een afslanking van het aantal vrijwilligers.

Den Haag post Leidscheveen (2004)

Op 31 december 2004 wordt in Leidscheveen, aan de Donau 140, een nieuwe Haagse brandweerpost in gebruik genomen. Met de komst van deze post valt operationeel gezien, met betrekking tot het tweede blusvoertuig,  een gedeelte van het westelijk deel van Zoetermeer binnen het verzorgingsgebied van de Haagse brandweer. Hoewel dit in de eerste periode geen gevolgen heeft voor de uitrukprocedures, betekent dit wel het einde van Zoetermeer als “eiland” in de regio.

 Intensievere samenwerking brandweerkorpsen HRH (2005)

De Hulpverleningsregio Haaglanden (HRH) wil in het kader van de regionalisering van de brandweer op subregionaal niveau gaan samenwerken. De HRH wordt dan opgesplitst in drie districten: Noord (Wassenaar, Leidschendam-Voorburg, Zoetermeer en Pijnacker-Nootdorp), Zuid (Westland, Midden-Delfland, Delft en Rijswijk) en Centrum (Den Haag). Doel van de samenwerking is het beter, veiliger en efficiënter uitvoeren van de basisbrandweerzorg met behoud van de lokale identiteit. De financiële voordelen van de samenwerking worden aangewend voor verdere verbetering van de basisbrandweerzorg in de vier Noord gemeenten. E.e.a. leid tot een nieuwe gezamenlijke regeling. (zie: gemeenschappelijke regeling hulpverleningsregio haaglanden (hrh) 2005)

 Afschaffing functioneel leeftijdsontslag, FLO (2005)

Na jarenlang discussie en overleg tussen vakbonden en Nederlandse Vereniging van Gemeente wordt het functioneel leeftijdsontslag in 2005 afgeschaft bij de brandweerkorpsen Nederland.  Dit betekend dat het repressief brandweerpersoneel niet meer met 55 jaar uit dienst treden en dan door betaald krijgen tot hun pensioen. De betaalbaarheid van deze voorziening en de toekomstig hogere pensioenleeftijd zijn reden voor afschaffing. In de grote steden vinden wilde stakingen uit onder het brandweerpersoneel, waarbij zelfs het leger wordt ingezet om taken over te nemen. Uiteindelijk wordt de regeling iets verzacht voor het personeel dat reeds in dienst is voor 2006. Het nieuw repressief brandweerpersoneel mag nog maar maximaal 20 jaar op de uitruk dienst doen.

Afscheid commandant (2005)

Op 1 november 2005 neemt de commandant P. Bos afscheid. Hij vertrekt naar de brandweer Dordrecht, waar hij tevens regionaal commandant wordt.  Een opvolger is ten tijde van het vertrek van de heer Bos nog niet gevonden.

Zoetermeer anno 2005

Anno 2005 telt Zoetermeer ruim 117.000 inwoners.

 Invoering drie ploegensysteem (2006)

Op 2 januari 2006 wordt het drie ploegensysteem ingevoerd op basis van een 24-48- rooster. Een medewerker van een beroepsploeg doet 24 uur dienst en is dan 48 uur (twee dagen) vrij. Dit drie- ploegensysteem wordt bij verschillende korpsen in de regio toegepast, waaronder Den Haag.

De organisatie is verdeeld in 3 secties A, B en C. Elke sectie bestaat uit een ploeg Stadshart en een ploeg Oosterheem.

Aan het hoofd van elke ploeg staat een ploegchef. Onder deze vallen in tussen de zes en acht ploegendienstmedewerkers, een dagdienstbevelvoerder, één of twee dagdienstmedewerkers, één of twee ploegendagdienstmedewerkers, een vrijwillig bevelvoerder en een tiental vrijwillige manschappen.

De functie medewerker ploegendagdienst is nieuw binnen de organisatie. Deze medewerker staat onder leiding van een ploegchef en verricht werkzaamheden voor de verschillende afdelingen. Dit in tegenstelling tot de dagdienst medewerkers die onder leiding staan van het  hoofd van de afdeling waarop de betrokken medewerker werkzaam is,  zoals bijvoorbeeld preventie.

Elke ploeg draagt zorg voor de eigen paraatheid.  Hiertoe wordt overdag één functieplek uitgevoerd door de dagdienst (medewerker ploegendagdienst) en ’s avonds, ’s nachts en in het weekend wordt die functie vervuld door een vrijwilliger. 

Op de post Stadshart blijven het hulpverleningsvoertuig, de hoogwerker en het haakarmbakvoertuig gestationeerd. De bezetting wordt uitgevoerd met gekazerneerde “spingbemanning’.  Stadshart krijgt het OGS-specialisme en het materieel van Stadshart wordt  daarom aangevuld met de gevaarlijke stoffen eenheid. Alle haakarmbakken worden ook gestationeerd in het Stadshart, dus bij het haakarmvoertuig.

Oosterheem blijft het duikspecialisme verzorgen; de waterongevallenwagen blijft hier dan ook gestationeerd.

De waterongevallenwagen en de OGS eenheid worden door middel van springbezetting bemand. Het alarmeren van extra personeel is in principe niet meer nodig, aangezien er steeds voldoende beroepspersoneel dienst doet.

Het oefenen van het beroepspersoneel en de vrijwilligers gebeurt onder verantwoordelijkheid van de ploegchef.  Beroepspersoneel overdag en vrijwilligers op oefenavonden. Oefenavonden voor vrijwilligers zijn maandag voor de post Oosterheem en dinsdag voor de post Stadshart.

Aanvulling van de bezetting van de kazerne in het geval dat beide autospuiten zijn ingezet gebeurd na de invoering van C2000 niet meer door de vrijwilligers van de brandweer Zoetermeer, maar door bijstand uit de regio.

Weer een nieuw commandant (2006)

Op 1 maart 2006 komt de heer ing. J.A. Ruibing als nieuwe directeur brandweerzorg en rampenbestrijding en  is hij in die hoedanigheid de commandant van de Zoetermeerse brandweer. De heer J. Ruibing was hiervoor werkzaam bij het Logistiekcentrum Zoetermeer en daarvoor bij de brandweer Maarssen.

Invoering GRIP in regio Haaglanden (2006)

Vanaf 1 maart 2006, wordt in de regio Haaglanden door de hulpdiensten (brandweer, ambulance en politie) en gemeenten gewerkt met de Gecoördineerde Regionale Incidentbestrijding Procedure (GRIP).

In deze procedure is een grotere rol voor de gemeente weggelegd waardoor de hulpdiensten nog beter kunnen functioneren. Tevens wordt beschreven welke functionarissen in welke overlegstructuur worden opgeroepen. Na een gedegen voorbereiding zijn gisteren de leidinggevenden van genoemde diensten via een startbijeenkomst geïnformeerd.

Tijdens een ramp of een zwaar ongeval moet één rampenbestrijdingsorganisatie vanuit de dagelijkse situatie zo snel mogelijk worden opgebouwd. Afhankelijk van de aard van het incident zullen eenheden van brandweer, politie, geneeskundige dienst en gemeente(n) meewerken aan de bestrijding ervan. De omvang van de organisatie wordt aangepast aan de omvang van het incident, hoe groter het incident des te meer mensen en materieel worden ingeschakeld. Dit zogenaamde opschalen is dan ook een centraal fenomeen binnen de hulpverlening. 

De opschaling verloopt via een vaste procedure waardoor de hulpdiensten en de gemeente(n) de  informatie beter met elkaar kunnen afstemmen zodat zij bij een ramp of zwaar ongeval zo snel mogelijk adequate hulp kunnen bieden.

  • GRIP 0 - Routinewerk
    Het routinewerk van de brandweer is opgenomen in GRIP 0, dit zijn de normale werkzaamheden van de brandweer.

  • GRIP 1 - Bronproblemen
    Er is een brongebied waar zich een groter incident heeft afgespeeld. Van alle operationele diensten zijn meer mensen en middelen nodig. De inzet gaat langere tijd duren. De burgemeester van de betreffende gemeente wordt op de hoogte gesteld.

  • GRIP 2 - Bron en effectproblemen
    Er is een brongebied waar zich een groter incident heeft afgespeeld, er is ook een effectgebied (van beperkte omvang). Ook bij deze fase zijn er van alle operationele dienste meer mensen en middelen nodig. De inzet gaat nog meer tijd kosten. De burgemeester van de betreffende gemeente wordt op de hoogte gesteld.

  • GRIP 3 - Gevolgen in 1 gemeente
    Er is een brongebied waar zich een groter incident heeft afgespeeld, de bevolking van (een deel van) een gemeente ondervindt effecten. De burgemeester van de betreffende gemeente neemt het opperbevel op zich en activeert een deel van het gemeentelijk appraat.
  • GRIP 3 - Gevolgen in meer gemeenten
    Er is een brongebied waar zich een groter incident heeft afgespeeld, er is ook een effectgebied waar de bevolking van meerdere gemeenten in valt. De burgemeesters van de betreffende gemeenten houden het opperbevel in hun eigen gemeente, maar vragen een coördinerend burgemeester mee te helpen de schaarse middelen te verdelen.

 Regionale invoering C2000 (2006)

In 2006 wordt het nieuwe digitale communicatienetwerk C2000 en bijbehorend alarmeringsnetwerk P2000 voor hulpverleningsdiensten ook bij de Brandweer Haaglanden stapsgewijs ingevoerd. Het analoge netwerk wordt na enige tijd opgeheven.

Arbeidstijdenbesluit: rooster afgekeurd (2006)

In 2000 wordt in het zogenaamde SIMAP arrest door het Europese Hof bepaald dat wacht (slaap)uren op werk ook gezien moet worden als als werkuren op basis van een Europese richtlijn uit 1996. De roosters bij de brandweer gaan uit van weken van gemiddeld 54 uur, terwijl dit gemiddelde maximaal 48 uur mag zijn. Voor een aantal brandweerlieden in Rotterdam is dit aanleiding om een rechtzaak aan te spannen tegen de gemeente Rotterdam. Naast een kortere werkweek gaat het ook om volwaardige betaling van de wachturen. Na veel processen komt in 2006 een definitieve uitspraak van de rechter die het rooster daadwerkelijk afkeurt, dat betekend dat een nieuw rooster moet worden ingevoerd. Ook het rooster van Zoetermeer is hiermee afgekeurd. Regionaal wordt gezocht naar een nieuw rooster.

Regionaal wordt gestart met het werven van nieuw brandweer personeel om de personele gevolgen van het ATB te kunnen opvangen.

Randstadrail (2006)

Ter vervanging van de Zoetermeer stadslijn, de sprinter, komt er een nieuwe vorm van  openbaar vervoer: RandstadRail. RandstadRail wordt in verschillende fases in gebruik genomen. In september 2006 gaat RandstadRail rijden tussen Zoetermeer en Den Haag en tussen Rotterdam en Den Haag tot het eindpunt van de huidige Hofpleinlijn. Na een aantal ontsporingen wordt de RandstadRial stil gelegd. In oktober 2007 wordt de RandstadRail weer definitief in gebruik genomen.

Regionale OvD regeling (2007)

Per 1 april 2007 wordt een regionale officier van dienst regeling ingevoerd. Per regionaal district wordt een officier gekazerneerd. Voor het noordelijke district, waar Zoetermeer onder valt, is dit kazerne van Leidschedam-Voorburg. Een tweede (reserve) officier van dienst per district is geconsigneerd en komt van huis.

Einde Waarschuwings- en Verkenningsdienst taak (2007)

In 2007 stopt de brandweer Zoetermeer met de WVD taak. Dit specialisme wordt overgenomen door andere andere korpsen in de regio.

Regionale Mobiele Data Terminal's (2007)

In de loop van 2007 worden de autospuiten voorzien van een computer, een Mobiele Data Terminal (MDT). De MDT is een regionale ontwikkeling en komt op alle eerstelijns voertuigen in de regio. De MDT heeft als basis een routeplanner in zich met een directe koppeling aan de RAC. Het digitale kaartmateriaal is uitgebreid met de brandweerspecifieke zaken zoals brandkranen, sleutelbuizen en stijgleidingen. Ook objectgegevens en aanvalsplannen worden geleidelijk toegevoegd. Naast de regionale toepassingen zit op de MDT b.v. ook een Crash Recovery Systeem wat op basis van kenteken alle veiligheidsmaatregelen in autovoertuigen kan weergeven zoals b.v. airbags.

Afschaffing dagdienst, verplichte uitroostering en plaatsvervangend ploegchef(2008)

Per 1 januari 2008 worden de dagdienst afgeschaft. De combinatie van een beheersmatige functie en de repressieve functie geven volgens de leiding te veel problemen in de bedrijfsvoering. Door de afschaffing van de dagdienst moeten de ploegen zelf zorgen voor de opvang van ziekte en ander onvoorziene uitval, door meer personeel boven de sterkte te houden. Doordat ook de dagdienstbevelvoerders verdwijnen krijgen de ploegen een plaatsvervangend ploegchef. De rol van de vrijwilliger wordt het permanent opvullen van één functieplek per post ’s avonds, ’s nachts en in het weekend.

Om te voldoen aan een gemiddelde werkweek van maximaal 48 uur, zoals vereist in het ATB, wordt de ploegendienst verplicht uitgeroosterd. Het bestaande 3 ploegenrooster blijft zo gehandhaafd. Om het verplicht uitroosteren te kunnen realiseren en gelijktijdig te zorgen voor extra capaciteit voor opvang van ziekte etc. wordt de repressieve dienst wordt uitgebreid met 12 FTE. Regionaal wordt het personeel geworven.

Landelijke voertuignummering (2009)

In 2009 wordt de regionale drie cijferige voertuignummering uit 1980 naar 19 jaar vervangen door een nieuwe landelijke voertuignummering. Een uitleg van de nummering in dit document. Half 2009 zijn alle roepnummers op de voertuigen omgenummerd.

Werving vrijwilligers(2009)

Na ruim 5,5 jaar vindt weer een werving plaats van vrijwilligers. Eind 2009 wordt weer een nieuwe lichting vrijwilligers regionaal opgeleid. Gelijktijdig wordt een nieuwe visie vastgesteld voor de vrijwilligheid bij de brandweer Zoetermeer.

HSL in gebruik(2009)

Op 13 december 2009 gaat de dienstregeling op de HSL (Hogesnelheidslijn) van start. Dit is enkele jaren later dan gepland. De HSL zorgt voor een trein verbinding tussen Parijs en Amsterdam.

Bedrijventerrein Prisma(2009)

Vanaf 22 december 2009 wordt de brandweer post Oosterheem gealarmeerd bij calamiteiten in bedrijfsterrein Prisma op grondgebied van Landsingerland. Het bedrijfsterrein Prisma ligt ter hoogte van de snelweg A12 ingeklemd tussen Bleiswijk en gemeente Zoetermeer. E.e.a is gevolg van interregionale samenwerkingsafspraken met Veiligheidsregio Rotterdam Rijmond.

 

 Einde van de gemeentelijke brandweer Zoetermeer (2009)

Op 31 december 2009 eindigt de brandweer als onderdeel van de gemeente Zoetermeer. Sinds 1894 was de brandweer een geformaliseerd onderdeel van de gemeente.

 Start regionale brandweer Haaglanden/Veiligheidsregio Haaglanden (2010)

Als gevolg van de Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Haaglanden komt per 1 januari 2010 de brandweer Zoetermeer te vallen onder het bestuur van de Veiligheidsregio Haaglanden. Dit geldt ook voor de korpsen van gemeente Delft, Den Haag, Leidschendam-Voorburg, Midden Delfland, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk, Wassenaar en Westland. Deze gemeenschappelijke regeling is een wijziging van de gemeenschappelijke regeling Hulpverleningsregio Haaglanden (HRH) 2005. Al het personeel van deze brandweerkorpsen komen zodoende in dienst van de regio.

 De directie van de Veiligheidsregio Haaglanden wordt gevormd door de Regionaal Brandweer Commandant mr. R.K. Brons en de Regionaal Geneeskundig Commandant A.A.H.M. van Dijk, arts. De lokaal commandant van Zoetermeer wordt Mellanie Linde. De oud commandant de heer J. Ruibing krijgt een ander functie in de regio.

 

De gemeenschappelijke regeling treedt in werking op 1 augustus 2009 en werkt terug tot en met 1 januari 2009. (gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Haaglanden (VRH) 2009)

 

De vroege jaren | Oude Kerk 1703 | Dorpsstraat 1788 | Leidsewallen 1921 | Stationstraat 1959 | Vlamingstraat 1969 | Stadshart 1980 | Rokkeveen 1991 | Oosterheem 2002

Deze site is voor het laatst bijgewerkt op 07 februari 2010

Webstats4U - Free web site statistics